Friday, April 1, 2011

Tegenmacht: Het verhaal achter de schoonmakersstaking

Op 13 april 2010 reed Frie van Hulten, directievoorzitter van schoonmaakbedrijf CSU, naar zijn werk. Op de radio hoorde hij dat zijn kantoor was bezet door schoonmakers. Het was één van de hoogtepunten van de schoonmakersstaking die het land weken en zelfs maandenlang in haar greep hield.
Van Hulten had wel enig begrip voor de acties. Hij was zich bewust hoe het beroep van schoonmaker veranderd is. Vroeger werkte de schoonmaker vijf uur per dag bij een energieleverancier, deed ze de kamer van de directeur, verzorgde ze koffie, streek ze zijn over¬hemden. Nu doet ze bij diezelfde energieleverancier in vijf uur een hele vleugel.
Ook had hij gezien dat er wel wat verbeterd kon worden aan de arbeidsomstandigheden van zijn werknemers. Hij was geschrokken van de schoonmakerskantine die hij had bezocht op Amsterdam CS. “Jezus, nog aan toe dacht ik, hoe is het mogelijk dat dit kan.” Hij vertelt dat hij op vier locaties het management heeft vervangen (op een totaal van vijfduizend locaties, dat wel).
Van Hulten is één van de mensen die aan het woord komen in het boek Tegenmacht, geschreven door Pien Heuts en geïllustreerd met foto’s van Rob Nelisse, dat is uitgebracht omdat het onlangs een jaar geleden was dat de historische schoonmakersstaking van start ging. Het boek bevat interviews met schoonmakers, werkgevers, opdrachtgevers en diverse andere deskundigen. Het biedt een inkijkje in de manier waarop werkgevers en opdrachtgevers de staking hebben ervaren (zo valt te lezen dat de NS een permanent crisisteam had ingesteld). Ook biedt het een analyse van de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de manier waarop de vakbeweging hierop reageert.

Genoten
Een belangrijke strategische keuze was dat de campagne zich niet alleen op werkgevers richtte, maar vooral ook op de opdrachtgevers. Zolang die de schoonmaakbedrijven tegen elkaar uitspelen en voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten, zullen schoonmaakbedrijven blijven zoeken naar manieren om hun kosten te drukken ten koste van de schoonmakers. Pas als opdrachtgevers meer nadruk gaan leggen op kwaliteit kan deze negatieve spiraal worden doorbroken.
Veel geïnterviewden onderschrijven deze analyse en sommigen lijken eigenlijk wel blij te zijn dat de schoonmakers deze kwestie aan de orde hebben gesteld. Belangrijkste uitzondering is Schiphol-baas Jos Nijhuis. Hij is nog altijd slecht te spreken over het feit dat zijn vliegveld als doelwit van de acties was gekozen. “Algemene klachten en wensen waarvoor actie werd gevoerd, werden op Schiphol geprojecteerd.” Hij vond dat de bond een ‘ongeïnformeerd en ongenuanceerd’ beeld opriep van zijn bedrijf.
Nijhuis vindt het onterecht dat hij als opdrachtgever verantwoordelijk werd gehouden voor de omstandigheden waaronder de schoonmakers op Schiphol hun werk moeten doen. Desondanks nam hij samen met de NS het initiatief om te komen tot een code voor goed opdrachtgeverschap.
Naast Nijhuis geven ook anderen hun mening over de rol van de vakbeweging, ook in een breder perspectief. Herman Wijffels, die in het verleden leiding gaf aan de Rabobank en aan de Sociaal-Economische Raad: “Ik heb genoten van dit protest. Zeker ook omdat de oude vakbonds¬strategie opzij werd geschoven. Schoonmakers met leiderschapsta¬lenten stonden op. Ze namen zelf de verantwoordelijkheid voor hun situatie. Dat is illustratief voor een nieuwe tijd met een nieuwe ma¬nier van organiseren. De vakbond heeft een dienende rol; hij moet de werknemer die iets wil bereiken of zijn positie wil verbeteren, dienen.”

Culturen
De sociologen Marcel van Dam en Merijn Oudenampsen plaatsen los van elkaar kanttekeningen bij de doelgroepen waarvoor de bond zich inzet. Van Dam vindt dat de vakbeweging meer oog moet hebben voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Volgens Oudenampsen richt de bond zich te eenzijdig op de vergrijzende achterban en te weinig op de werknemers die zich als ‘outsiders’ moeten zien te redden op de steeds flexibelere arbeidsmarkt. Daarbij mag de bond best wat meer de confrontatie zoeken. Hij vindt dat de schoonmakers met hun acties hierin het goede voorbeeld geven.
Ook Anja Jongbloed, hoofdbestuurder bij FNV Bondgenoten, ziet de acties van de schoonmakers als belangrijke stap in de vernieuwing van de bond. “Dit zijn hele sterke mensen, afkomstig uit verschillende culturen, die hun plaats in de samenleving opeisen. […] Er gaat een voorbeeldfunctie van uit. Dat hebben we in 2010 gezien bij de staking van de vuilnismannen, de distributiemedewerkers van Albert Heijn en de postbodes van TNT.”
Ondertussen gaan de schoonmakers zelf ook door, vertelt Ahmed Bairi, schoonmaker op Amsterdam CS. “We hebben nu die twee dubbeltjes per uur erbij; dat is een begin. Er zal altijd een staking nodig zijn om onze positie te verbeteren. Bazen geven niks vanzelf. Probleem in de schoonmaak is dat veel mensen bang zijn. […] Nu hebben we laten zien dat we sterk zijn.”
Tegenmacht kost 17,95 euro. Beste het boek hier

No comments: